
Toen ik op 18 april 1982 voor het eerst in Berlijn kwam en deze foto knipte stond ‘die Mauer’ er nog onverzettelijk bij. Op 9 november 1989 bleek deze muur ineens onvast te zijn. Wie had dat gedacht?
Vele jaren later, in 2025, passeerde ik een boekenkastje op straat waar ik een boek uitplukte van Haruki Murakami: De Stad en zijn Onvaste Muren (2024). Als stedenbouwkundige sprak me de titel aan, maar het bleek over veel meer te gaan dan over ommuurde steden.
De hoofdpersoon, een jongeman in de bloei van zijn leven, ontmoet op jonge leeftijd een meisje waar hij zich mee verbonden voelt. Zij bekent hem dat ze een schaduw van zichzelf is en verdwijnt dan plots uit zijn leven. Jaren later vindt hij haar terug in een ommuurde stad met een poortwachter die hem verordonneert om zijn schaduw achter te laten alvorens de stad binnen te gaan. Daar werkt ze op een bibliotheek zonder hem te herkennen. De tijd staat er namelijk stil. In de bibliotheek waar zij werkt staan geen boeken maar wel veel oude dromen die hij zal lezen. Een ideale wereld zou je zeggen, een vredige droomwereld zonder schaduwzijde. Hiermee is het ideologische verschil tussen oost- en west Berlijn wel zo’n beetje geschetst toch?
Het boek van Murakami gaat in wezen over allerlei tegenstellingen die met elkaar verweven worden. Over de mens en zijn schaduwzijde, over de fictieve beschutte stad en de werkelijke open stad, over binnen en buiten, over droom en werkelijkheid, gevangen zijn en vrij zijn, over lichaam en geest, over dood en leven, enzovoorts.
Dit bracht me op het idee om een verhalenbundel te schrijven waarin ik ogenschijnlijke ruimtelijke tegenstellingen op een magisch-realistische wijze met elkaar verbind, Murakami indachtig.
Verschillende thema’s passeren hierin de revue, zoals: gevangenschap tussen muren, in- en uitsluiting in nazi-München, migratie in Veld- en Eindhoven, schaduw en vuur in Enschede, vissers in Duindorp en landarbeiders in Nagele, dromen in de Efteling en Tivoli, etc.
Maar let op! De verhalen in deze bundel berusten op een waarheid die ik putte uit wetenschappelijke boeken en interviews. Dat vormt het realistische gehalte van deze verhalen. De magische zijde komt voort uit een verrassende confrontatie van tegenstellingen die met een fantasierijk sausje zijn overgoten, met geestverschijningen en al.
Fantasie en werkelijkheid wisselen elkaar dus af, magisch realisme in klare taal.
Utrecht, 19 januari 2026.




